Nieuwsbrief schade special februari 2014

containerschipWe hebben deze aansprakelijkheidsspecial van Van Luin opgesteld, omdat:
• Recentelijk de brandregresregeling drastisch is aangepast met voor u mogelijk vergaande gevolgen
• Bedrijven vaak niet weten hoe te reageren als ze aansprakelijk gesteld worden
• Jurisprudentie de laatste tijd nogal wat risico’s op het bord van u als ondernemer legt
• In- en uitloop dekking bij een overgang of nieuwe verzekering wordt onderschat met consequenties die niet direct zichtbaar zijn

We geven in deze special duidelijk en beknopt aan
wat er voor u van belang is en
wat u zou moeten (laten) doen om deze veelvoorkomende risico’s te vermijden.

De volgende onderwerpen zijn nu van belang:

1. Wijziging Brandregres
2. Artikel 7:611
3. Verhoog de verzekerde bedragen!
4. Hoedanigheid
5. In –en uitloop
6. Opzicht
7. AVB en het inhuren van ZZP-ers
8. Melden Schade

1. Wijziging brandregres 

Verzekeraars hebben de wettelijke bevoegdheid om uitgekeerde brandschade te verhalen op de partij die voor deze schade aansprakelijk is. In de praktijk wordt van deze bevoegdheid geen gebruik gemaakt, behalve in geval van opzet of een misdrijf. Deze afspraken zijn vastgelegd in de Bedrijfsregeling Brandregres.
Met ingang van 1 januari 2014 heeft een ingrijpende wijziging plaatsgevonden binnen deze Bedrijfsregeling Brandregres. Voor niet-particulieren vervallen deze afspraken.
De nieuwe regresregels, zoals die vanaf 1 januari 2014 gelden, betekenen dat brandverzekeraars in bepaalde gevallen gebruik gaan maken van hun wettelijk recht op het nemen van regres (= recht op terugbetaling). Deze ‘bepaalde gevallen’ beperken zich tot die situaties waarin de schadeveroorzakende partij kan worden verweten, door onzorgvuldig handelen, de schade te hebben veroorzaakt. Voor het verhalen van de schade zullen de verzekeraars dus een causaal verband aan moeten tonen tussen de schade en het onzorgvuldig handelen.

Wat verandert er?
Brandverzekeraars verhaalden tot 1-1-2014 de uitgekeerde schade met een ondergrens van € 2.500, tot maximaal € 500.000, op de veroorzaker. Door de wijziging verhaalt de brandverzekeraar de uitgekeerde schade na 1 januari 2014 volledig.
Mocht u ondanks genomen preventie-maatregelen aansprakelijk gesteld worden voor een grote brand- of waterschade, dan kan de continuïteit van uw onderneming, stichting of vereniging in gevaar komen. De schade boven het verzekerd bedrag wordt namelijk verhaald op uw bedrijfsvermogen.

Voorbeeld uit de praktijk
In uw bedrijf breekt brand uit door uw schuld waardoor ook het naastgelegen bedrijf verloren gaat. De brandverzekeraar van de buurman kon tot 1-1-2014 de schade op u (of uw aansprakelijkheidsverzekeraar) verhalen tot € 500.000. Nu onbeperkt. Wanneer uw AVB onvoldoende dekking biedt zal u zelf de schade van de buurman moeten vergoeden.

Wat moet u doen of laten doen?
1. Zorg voor voldoende preventie om brand- en waterschade te voorkomen;
2. Voldoe aan eisen preventiemaatregelen opgenomen in uw brandpolissen (o.a. de dekkingen voor inventaris, goederen, opstallen en bedrijfsschade);
3. Voldoe aan de gestelde preventiemaatregelen opgenomen in uw aansprakelijkheidsverzekering;
4. Verhoog de verzekerde som van uw bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering naar minimaal € 2.500.000,-.

2. Artikel 7:611

‘U betaalt ook als u niet aansprakelijk bent’

De werkgever is zoals bekend verplicht om ervoor te zorgen dat werknemers in een veilige omgeving kunnen werken. De plek waarop en de middelen en werktuigen waarmee wordt gewerkt dienen aan de veiligheidseisen te voldoen, het personeel moet voldoende worden geïnstrueerd en de nakoming en naleving van al deze maatregelen moet worden gecontroleerd. De wetgever stelt als sanctie op de niet nakoming van deze zorgplicht dat de werkgever aansprakelijk is voor de schade van de werknemer.

Wanneer een werknemer aantoont schade te hebben geleden bij het uitoefenen van zijn werkzaamheden, dan kan de werkgever aan aansprakelijkheid ontsnappen wanneer hij kan aantonen dat hij niet is tekortgeschoten in die zorgplicht. Deze aansprakelijkheid van art. 7:658 BW blijft dus een schuldaansprakelijkheid en biedt voor de werknemer geen absolute waarborgen (= zekerheden?).

Maar wat nu indien de werknemer schade lijdt die weliswaar ontstaat in werktijd, maar onder omstandigheden waar de werkgever geen enkele invloed op heeft? Denk bijvoorbeeld aan een (eenzijdig) verkeersongeval. De werkgever heeft op het verkeer geen invloed en is dan ook niet in zijn zorgplicht tekortgeschoten.
In dat geval kan de werknemer een beroep doen op art. 7:611 BW: hierin wordt geregeld dat de werkgever zich als ‘goed werkgever’ heeft te gedragen. Inmiddels heeft de Hoge Raad zich in diverse arresten over aspecten van deze problematiek uitgesproken. De volgende criteria komen hieruit naar voren:

1. Er is geen sprake van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer.
2. Werkgever sluit een ‘behoorlijke’ verzekering en wat dat is hangt af van de opvattingen en de verzekermogelijkheden zoals die bestonden op het moment van afsluiting. Hierover laat de rechter zich zo nodig door een deskundige informeren.
3. Wanneer aan de werknemer een onkostenvergoeding wordt verstrekt, bijvoorbeeld een kilometervergoeding, die mede tot doel heeft het afsluiten van een verzekering, dan zal dat uitdrukkelijk uit de afspraken met de werknemer en de hoogte van die vergoeding moeten kunnen worden afgeleid.
4. De positie van de niet-gemotoriseerde werknemer is gelijk aan die van bestuurders. Dus ook een fietser die tijdens het werk over een gladde weg rijdt, ongelukkig ten val komt en letsel oploopt, behoort te kunnen terugvallen op een behoorlijke verzekering, waarvoor de werkgever aansprakelijk is.
5. Woon-/werkverkeer behoort (nog) tot de privésfeer en blijft dus (nog) voor risico van de werknemer

Wanneer een werkgever te maken krijgt met schade waarvoor hij als goed werkgever een behoorlijke verzekering had moeten afsluiten, maar dat heeft nagelaten, dan wordt hij aansprakelijk ten opzichte van de werknemer. Let wel: dit gaat dan niet om de in totaal geleden schade, maar om dàt deel dat, wanneer wèl een behoorlijke verzekering zou zijn afgesloten, door die verzekering zou zijn gedekt.
In die zin is de bescherming van de werknemer in art. 7:611 BW beperkter dan die in art. 7:658 BW, want daar gaat het om een integrale vergoeding van alle door de werknemer geleden en te lijden schade.

Voorbeeld uit de praktijk
Tijdens wachttijd tussen twee vluchten besluit een KLM-piloot samen met zijn vriendin met een taxi naar een restaurant te gaan. Er overkomt hem een ongeval en hij loopt een dwarslaesie op. De Hoge Raad oordeelt dat de wachttijd zodanig verband houdt met de werkzaamheden dat ook tijdens de wachttijd een verplichting op de werkgever rust en dat artikel 7:611BW van toepassing is.

Wat moet u doen of laten doen?
Voor u als werkgever is het dus belangrijk om u goed te laten voorlichten en om tegen deze risico’s een verzekering af te sluiten. Ons advies zou zijn om dit mee te verzekeren gerelateerd aan de AVB.

3. Verhoog de verzekerde bedragen!

Veel aansprakelijkheidsverzekeringen lopen al geruime tijd en met hetzelfde verzekerde bedrag. Wij zien geregeld bedragen die nog gebaseerd zijn op verzekerde bedragen in guldens. Wij adviseren in alle gevallen te bekijken of de verzekerde bedragen nog voldoen aan de huidige situatie en adviseren dan vaak deze bedragen te verhogen omdat:

• De claimbereidheid toeneemt en steeds hogere bedragen geclaimd worden
• Bedrijven zich ontwikkelen en door groei grotere risico’s lopen
• De brandregres is aangepast en ook kleinere bedrijven kunnen grotere brandschades voor hun voeten geworpen krijgen

Wat moet u doen of laten doen?
• Pas het verzekerde bedrag van uw Aansprakelijkheidsverzekering aan conform de huidige situatie
• Bespreek jaarlijks met ons of de huidige verzekerde bedragen nog voldoen

O ja, gelukkig betekent het verdubbelen van het verzekerde bedrag geen verdubbeling van de premie!

4. Hoedanigheid

Wanneer een ondernemer een aansprakelijkheidsverzekering afsluit, verzekert hij de zogenaamde hoedanigheid van zijn bedrijf. De ‘verzekerde hoedanigheid’ is een omschrijving van alle werkzaamheden van het verzekerde bedrijf en staat vermeld op het polisblad van de verzekeringsmaatschappij. Belangrijk voor een ondernemer is dan ook goed te blijven controleren of alle werkzaamheden die worden uitgevoerd onder de omschrijving op het polisblad vallen. Schades die voortvloeien uit werkzaamheden die niet op het polisblad staan, worden niet gedekt door de verzekeringsmaatschappij.

Voorbeeld uit de praktijk
Een importeur van vlees besluit ook het vlees te gaan bewerken (koken, proportioneren etc.) en geeft het niet door aan de verzekeraar. Wanneer door het foutief bereiden van het vlees er een schade ontstaat kan de verzekeraar de schade-uitkering beperken of zelfs weigeren. Verzekeraar wist immers niet van de risicowijziging of –verzwaring.

Wat moet u doen of laten doen?
• Check jaarlijks de beschrijving van uw bedrijfshoedanigheid in de huidige polissen.
• Wanneer u nieuwe activiteiten gaat starten spreek die dan met door met uw adviseur/ verzekeraar.
• Denk ook aan al uw andere verzekeringen

5. In- en uitloop

Potentiële kansen om een flink gat in de dekking te creëren (terwijl je altijd verzekerd bent geweest!). Dit kan bij het

• sluiten van een nieuwe aansprakelijkheidsverzekering
• oversluiten (tegen lagere premie)
• samenvoegen van polissen bij fusie of
• stoppen van een polis bij bedrijfsbeëindiging.

Een gat ontstaat omdat er onvoldoende aandacht is voor in- en uitloop.

Tot midden jaren negentig werd het zogenoemde ‘loss occurrence systeem’ gebruikt. Dit systeem gaf dekking voor schades die in de verzekeringsperiode waren ontstaan. Het moment dat de schade bij de verzekeraar werd gemeld en het moment dat de schade was veroorzaakt, waren niet van belang in dit systeem.

Na 1996 boden veel verzekeraars ook polissen op basis van ‘claimsmade’ aan. Dit systeem begrenst de verzekeringsdekking naar tijd, waarbij het tijdstip van melden bij de verzekeraar wel van cruciaal belang is. Bij het claimsmade systeem bestaat dekking als een schademelding door de verzekeraar na de ingangsdatum en voor de einddatum van de polis wordt ontvangen. Wanneer de schade is ontstaan of veroorzaakt maakt voor de dekking verder niets uit tenzij het voor- of inlooprisico is beperkt.

Voor- of inlooprisico
De verzekering kan dekking bieden voor nog niet aan verzekerde bekende schades die voor de ingangsdatum werden veroorzaakt. Men noemt dit het voor- of inlooprisico. Als voorafgaande aan de nieuwe verzekering de vorige polis op basis van claimsmade liep, zal de vorige polis in de regel geen dekking bieden voor aanspraken die worden gemeld na beëindiging van de polis. Dit zogenaamde voorrisico moet worden verzekerd bij de nieuwe verzekeraar, omdat de dekking bij de vorige verzekeraar direct op de einddatum stopt.

Het voorrisico is maatwerk: bij bepaalde risico’s kan het voorrisico worden beperkt, uitgesloten of pas worden meeverzekerd na aanvullende informatie of betalen van aanvullende premie. Bij iedere nieuwe aanvraag of het oversluiten van een aansprakelijkheids-verzekering dient expliciet aandacht te worden besteed aan het voorrisico.

Na- of uitlooprisico
Het uitgangspunt bij verzekeringen op basis van claimsmade is, dat de claim tijdens de looptijd van de verzekering bij de verzekeraar moet zijn aangemeld. In principe is geen dekking voor aanspraken die na beëindiging van de verzekering worden gemeld. Er zijn 3 uitzonderingen:

• Bij opzegging van de verzekering door de verzekeraar heeft verzekerde doorgaans de mogelijkheid om dekking in te kopen voor aanspraken die worden gemeld binnen X jaar na beëindiging mits de schade is veroorzaakt voor de beëindigingdatum.
• Bij beëindiging van de verzekering in verband met de opheffing van het bedrijf is doorgaans eveneens de mogelijkheid om een dergelijke dekking in te kopen
• Indien een omstandigheid tijdens de looptijd van de verzekering wordt gemeld, zal de aanspraak die daaruit voortvloeit – ongeacht op welk tijdstip – geacht worden te zijn ingesteld op de datum van de melding van deze omstandigheid.

Voorbeeld uit de praktijk
Op een school heeft in 2007 een ernstig gymongeluk plaatsgevonden, waarbij een leerlinge een ruggenwervel heeft gebroken. De school heeft dit niet gemeld aan de verzekeraar omdat het herstel gunstig leek te verlopen. In 2009 is geswitcht van verzekeraar (lagere premie!). In 2012 diende de leerlinge alsnog een claim in. Omdat de oude verzekering geen uitloop- en de nieuwe verzekering geen inlooprisico dekt (beide hanteren het claims made-beginsel), wijzen beide verzekeraars dekking onder polis af.

Wat moet u doen of laten doen?
Als een aansprakelijkheidsverzekering bij de ene verzekeraar wordt beëindigd en bij een andere verzekeraar wordt afgesloten, moet u aandacht besteden aan:

• Hoe kan ik regelen dat de nieuwe en oude verzekering(en) op elkaar aansluiten, zodat er geen ‘gat’ in de dekking is
• adequaat onderzoek naar omstandigheden die uiteindelijk tot een aanspraak zouden kunnen leiden
• Hoe groot is de kans dat een handelen en/of nalaten in het verleden nu nog tot een aanspraak kan leiden.
• Heb ik deze omstandigheden gemeld bij de oude en nieuwe verzekeraar?
• Zijn de omstandigheden door de oude verzekeraar geaccepteerd als ’omstandigheden’ in de zin van de polis?
• Weet ik op welk systeem voorgaande verzekeringen liepen?
• Kan mijn bedrijf aan de oude verzekeringen nog rechten ontlenen?

6. Opzicht

De aansprakelijkheidsverzekering (AVB) is een van de moeilijkste verzekeringsvormen die er bestaat, met een hele bijzondere uitsluiting, namelijk de opzichtclausule:

De opzichtclausule
Niet verzekerd zijn aanspraken wegens schade die de verzekeringnemer of de tot schade-vergoeding aangesproken verzekerde ten uitvoer, ter bewaring of ter bewerking zijn toevertrouwd of die hij in huur, bruikleen of krachtens enige andere overeenkomst onder zijn opzicht heeft.’

Elke AVB kent deze opzichtclausule. Voor een installatiebedrijf is dit een belangrijke uitsluiting. Deze bepaling houdt in dat, zodra een medewerker van een installatiebedrijf bezig is met het uitvoeren van werkzaamheden aan het eigendom van een ander, de schade aan dit eigendom niet is verzekerd! Onbegrijpelijk zult u zeggen, want waarvoor anders heeft u deze verzekering ooit gesloten? Uw monteurs verrichten werkzaamheden aan het eigendom van uw klanten. Houd er dus rekening mee dat dergelijke schades niet zijn verzekerd.

In de afgelopen jaren zijn talloze schades gemeld en ook weer afgewezen op grond van deze beruchte opzichtclausule. Hierover is uitgebreid gediscussieerd en geprocedeerd, en natuurlijk leidt dit bij de ondernemer tot woede en frustratie. Er is echter een oplossing.

Door naast de AVB te zorgen voor een zogenaamde transport/ montage-verzekering, is schade verzekerd die ontstaat aan eigendommen van derden. Hiermee wordt dus het dekkingsgat in de AVB gerepareerd. Daarnaast biedt de transport/montage verzekering ook nog dekking voor eigendommen van het installatiebedrijf die worden gebruikt voor het uitvoeren van de werkzaamheden. Hierbij kunt u denken aan gereedschappen, machines, materialen, steigers en andere hulpmaterialen. Deze eigendommen zijn verzekerd tijdens het transport, maar ook op werken in uitvoering en in afgesloten auto’s.

Voorbeeld uit de praktijk
Uw monteur verricht een reparatie of onderhoud aan een CV-ketel. Tijdens de werkzaamheden gaat er iets fout waardoor de installatie zwaar beschadigd raakt. Als gevolg hiervan breekt ook nog eens brand uit. Wanneer deze schade wordt gemeld op de Aansprakelijkheidsverzekering, zal de verzekeraar schade aan de installatie niet vergoeden op grond van de opzichtclausule. De gevolgschade (schade door brand) zal echter wel betaald worden.

Wat moet u doen of laten doen?
Werkt uw bedrijf aan of met het eigendom van derden? Zo ja, ga dan na of uw bedrijf een transport/montageverzekering nodig heeft. Of dat u opzicht mee kunt verzekeren.

7. Aansprakelijkheidsverzekeringen en het inhuren van ZZP-ers

Een werkgever is wettelijk verplicht veiligheidsmaatregelen te treffen zodat werknemers in de uitoefening van hun werkzaamheden geen schade lijden. Gebeurt dit niet, dan kan de werknemer de werkgever aansprakelijk stellen voor de schade.
ZZP-ers hebben meestal geen arbeidsverhouding met de opdrachtgever. Toch geldt deze zorgplicht ook voor de opdrachtgever in relatie tot de door hem ingehuurde ZZP-ers. Dit blijkt uit het arrest van de Hoge Raad uit 2012.

Voorwaarde
De Hoge Raad stelt hierbij de voorwaarde dat de schade is ontstaan tijdens werkzaamheden die feitelijk tot de beroeps- of bedrijfsuitoefening van de opdrachtgever behoren. Oftewel, werk dat normaal gesproken binnen de onderneming wordt verricht.
De vraag is dus: ‘In welke gevallen behoren werkzaamheden tot het beroep of het bedrijf van de werkgever/opdrachtgever?’ Dit hangt af van de werkzaamheden binnen het bedrijf van de werkgever en moet van geval tot geval worden bepaald. Schilderwerkzaamheden door de buitenschilder (ZZP-er) aan het pand van een accountantskantoor (werkgever) vallen niet onder de werkzaamheden van het beroep of bedrijf van de werkgever. Het tijdelijk inhuren van een secretaresse door een accountantskantoor die werkzaamheden als ZZP-er uitvoert wel.

Gevolgen
De uitspraak van de Hoge Raad leidt voor ZZP-ers tot meer bescherming als zij werkzaamheden verrichten die normaal gesproken binnen de onderneming van de opdrachtgever worden verricht.
Opdrachtgevers van ZZP-ers worden hierdoor vaker geconfronteerd met schadeclaims bij bedrijfsongevallen. Bent u opdrachtgever, dan is het raadzaam om naast inachtneming van de zorgplicht, uw verzekeringspolis te raadplegen om na te gaan of de door u ingeschakelde ZZP-ers ook onder de dekking van uw AVB vallen. Daarnaast adviseren wij u de ZZP-ers uitdrukkelijk te instrueren over de veiligheidsvoorschriften die binnen de onderneming gelden en de ZZP-er in de overeenkomst te verplichten deze voorschriften strikt na te komen. (bron: Website Grand Thornton)

Wat moet u doen of laten doen?
• Werkt uw bedrijf met ZZP-ers?
• Indien ja, staan deze ZZP-ers vermeld op uw verzekeringspolis?
• Wat zijn de afspraken die u met de ZZP-ers heeft gemaakt inzake hun eigen verzekeringen

8. Melden schade

Het gebeurt steeds meer. Bedrijven die aansprakelijk gesteld worden. En we zien hoe verschillend bedrijven hierop reageren. Dit varieert van het melden bij ons op het moment dat een aansprakelijkheidsstelling verwacht wordt, tot het opsturen van het vonnis van de rechter met het verzoek de schade te vergoeden. En alles wat hier tussen zit.

Zodra u aansprakelijk bent gesteld, of verwacht aansprakelijk gesteld te worden, (mondeling en/of schriftelijk), dan is het van groot belang om dit zo spoedig mogelijk bij uw verzekeraar en/of tussenpersoon te melden. Ook als u van mening bent, dat u niet aansprakelijk bent! Doe aan de benadeelde geen toezeggingen over het accepteren van de aansprakelijkheid; dat is iets wat de verzekeraar (of in een later stadium eventueel de rechter) zal bepalen.

Meldt u de schade te laat, dan kan de verzekeraar aangeven dat zijn belangen zijn geschaad en de schade niet zal vergoeden.

Na tijdige melding kan de verzekeraar de nodige maatregelen treffen om verergering van de schade te voorkomen. Tevens kan de verzekeraar een expert inschakelen die de toedracht van de schade onderzoekt en het schadebedrag in overleg met de benadeelde vaststelt. De verzekeraar zal daarna onderzoeken of u wel aansprakelijk bent en zal zo nodig verweer voeren richting de benadeelde. Bij een gedekt evenement schakelt de verzekeraar (indien nodig) een advocaat in en neemt meestal ook de verweerkosten voor haar rekening. U hoeft dus niet zelf te corresponderen met de benadeelde en/of een advocaat in te schakelen die namens u optreedt.

Blijkt dat u inderdaad aansprakelijk bent en is er dekking op uw polis, dan zal de verzekeraar de schade gewoon vergoeden.

Natuurlijk zullen wij deze schade voor u begeleiden waarbij wij uw belangen in het oog houden. Wij houden u op de hoogte van de ontwikkelingen en zien erop toe dat de verzekeraar zijn werk naar behoren doet. En als u vragen heeft over deze schade, dan kunt u deze bij ons neerleggen. Vanzelfsprekend zullen wij u zo spoedig mogelijk een antwoord geven.

Voorbeeld uit de praktijk
Bedrijf kreeg een claim (werd aansprakelijk gesteld). Ze stelde een advocaat aan, betaalde die en doorliep de hele rechtszaak. Uiteindelijk werd het bedrijf door de rechter in het ongelijk gesteld en moest 1 miljoen euro betalen. Bedrijf stuurde de nota naar de verzekeraar, die stelde dat de verzekeraar niet in de gelegenheid was gesteld zich te verdedigen en door het bedrijf in haar belang was geschaad. Verzekeraar vergoedde slechts een deel van de claim en de advocaatkosten.

Wat moet u doen of laten doen?
Meld zodra u aansprakelijk bent of verwacht aansprakelijk te worden gesteld (ook al is dat in uw ogen onterecht) dit DIRECT aan uw adviseur (die dit direct zal melden aan de verzekeraar)

Moraal van dit verhaal

Na het lezen van deze informatie kan het zijn dat er bij u toch vragen opkomen? Is het bij u allemaal goed geregeld en aangepast? Wij kunnen dat goed voor u in beeld brengen en eventueel verzorgen zodat uw bedrijf weer met een gerust (verzekerd) hart kan ondernemen in 2014! Maak een afspraak en bel ons 030 – 2326323.

Heeft u vragen of opmerkingen over deze special, of wilt u andere onderwerpen behandeld zien, stuur dan een mailtje naar robert@vanluin.nl.

Disclaimer: Van Luin Assurantiën BV heeft bij de redactie van deze tekst de nodige zorgvuldigheid betracht. De tekst wordt gratis aangeboden als algemene attendering op mogelijk relevante ontwikkelingen voor u op het gebied van aansprakelijkheid. Deze special heeft een algemeen karakter en is geen specifiek advies. Van Luin Assurantiën BV is op geen enkele wijze verantwoordelijk voor schade die ontstaat als gevolg van onjuistheden in deze tekst.